Het leven van de 78-jarige Tiny Koster uit Emmeloord staat in 2000 plotseling op z’n kop. Ze werkt aan de praktijkschool en leidt een onbezorgd leven met man en kinderen. Totdat een blaasontsteking en een daaropvolgende urineweg ontsteking haar nieren zo’n klap toedienen dat ze er prompt mee ophouden. “Ik kon niet meer plassen en kreeg een katheter. Later kreeg ik ook nog suikerziekte en artrose. Een zware periode,” blikt ze nu terug.

Maar het ergste moest nog komen. Om de dag reisde Tiny af naar ziekenhuis om vier uur aan de nierdialyse te zitten. Een kunstnier. “Maar mijn lichaam kon de dialyse niet aan. Mijn hartslag daalde naar 50, 40 en zelfs 30 slagen per minuut. In het ziekenhuis wisten ze zich niet goed raad. Ze waren doodsbang dat mijn hart het zou begeven.” Besloten werd om de dialyseperiode terug te brengen naar drie uur met een extra dialysedag. Gevolgd door kortere sessies in twee en een halve dag. Dat hield Tiny tot vorig jaar oktober vol. Toen opperde ‘een schat van een nefroloog’ van de ISALA-kliniek om thuis te dialyseren met buikspoelingen. Begin november vorig jaar lag ze voor het eerst thuis aan het apparaat. “En ik voel me als herboren,” zegt ze gelukzalig. “Elke nacht voor het slapen gaan sluit ik de spoelzakken aan op de machine. Dan bromt hij wat. Ik had ooit een Sint Bernardshond en die lag altijd lekker op bed naast me te knorren. Daar moet ik nu steeds weer aan denken, hahaha.”

Elke ochtend komt de thuiszorg van Zorggroep Oude en Nieuwe Land om de oude zakken van de machine af te halen en de nieuwe er op te doen. Wijkverpleegkundige Tjitske van der Meer: “We checken ook iedere dag of de wond niet infecteert en we hebben Tiny zelf geleerd hoe ze de wond moet verzorgen dus ze kan het ook zelf.” Met een combinatie van specialistisch team, wijkteam en nachtzorg wordt Tiny nu zorgvuldig in de gaten gehouden.

Voor Tiny is het een verrijking dat ze nu meer thuis is bij haar man, die het als mantelzorger behoorlijk zwaar heeft. Tiny: “Vroeger ging ik om acht uur met de taxi naar het ziekenhuis. Om twee uur ’s middags kwam ik dan doodmoe thuis en ging ik op bed liggen. Nu heb ik veel meer energie.” Haar man (82) zucht eventjes. “Als mantelzorger heb je het zwaar. Je bent het je hele leven maar het went nooit. Je wast, kookt, doet de boodschappen en ondertussen komen er veel mensen aan deur. Ik durf ook niet weg te gaan want ik ben heel bang dat mijn vrouw valt.”

Gelukkig zijn er ook leuke momentjes. Zoals het bezoekje van de kinderen en kleinkinderen afgelopen weekend. “Hebben ze ons meegenomen naar het wokrestaurant,” verklapt Tiny. “We parkeerden de auto zó voor de deur en met een rolstoel waren we meteen binnen. En als je dan die kinderen ziet smikkelen. Dat zijn de momentjes waar we écht van genieten.”